Overhead, vennootschapsbelasting en onvoorzien

 

OVERHEAD
De vernieuwing van het Besluit begroting en verantwoording (BBV) schrijft voor dat gemeenten met ingang van de begroting 2017 de overhead niet langer meer mogen toerekenen aan de afzonderlijke programma’s. Onder overhead verstaan we het geheel van functies gericht op de sturing en ondersteuning van het primaire proces. Het doel is om de overhead bij gemeenten beter inzichtelijk te maken.

Ten opzichte van de begroting zijn de nettolasten € 38.000 hoger. Dit is met een afwijking van 0,5% nagenoeg gelijk aan de begrote nettolasten voor overhead.

VENNOOTSCHAPSBELASTING
Met ingang van 1 januari 2016 is de gemeente verplicht om vennootschapsbelasting af te dragen over economische activiteiten. In 2015 hebben we een inventarisatie gemaakt van de activiteiten die naar verwachting onder de vennootschapsbelastingplicht gaan vallen. In 2019 moeten wij de eerste aangiften over 2016, 2017 en 2018 doen. Op basis van de inventarisatie en berekening is meerjarig een last voor de vennootschapsbelasting van maximaal € 5.000 per jaar begroot. Het budget is in 2018 tussentijds incidenteel afgeraamd. Na contact met de belastingdienst over de eerste aangiftes 2016, 2017 en 2018 zal worden bekeken tot welk bedrag dit budget naar verwachting kan worden afgeraamd.

ONVOORZIEN
Bij het vaststellen van de begroting 2018 is het bedrag voor onvoorzien bepaald op € 0. Dit beleid is voortgezet in de meerjarenbegroting.